Anderen vliegschaamte aanpraten maakt je nog geen neoliberaal

cc-foto: Erich Westendarp

Moeten we beducht zijn voor “een moralistisch offensief van een zelfingenomen bovenlaag die anderen schaamte aanpraat”?

Er werden dit jaar 13 procent meer internationale treinkaartjes verkocht. “Steeds meer Nederlanders pakken vanuit duurzaamheidsoogpunt de trein in plaats van het vliegtuig”, berichtte de NOS maandag op gezag van NS International. De internationale bestemming waarnaar het aantal treinreizen vanuit Nederland het snelst toenam? Brussel Airport.

Met dit soort berichten in het achterhoofd ga je bijna vanzelf verlangen naar iets meer vliegschaamte. Dat is dan wel buiten Peter Giesen van de Volkskrant gerekend, die ons dinsdag inprentte dat “het idee dat het klimaatprobleem kan worden opgelost door individuele burgers vlieg-, vlees- of autoschaamte aan te praten past in een neoliberalisme dat snel in diskrediet raakt”.

Denk je als treinende vegetariër je steentje bij te dragen aan een betere wereld, blijk je zonder het te weten toch een vuige neoliberaal – helemaal als je anderen aanspoort om ook eens een Beyond Burger te proberen.

Roxane van Iperen betoogde vorige maand in Vrij Nederland iets vergelijkbaars. “Een duurzame wereld begint niet bij jezelf”, schreef zij. Volgens Giesen en Van Iperen staat ‘consumentenactivisme’ een echte aanpak van de klimaatcrisis in de weg. Daarmee trap je immers in de ‘neoliberale’ val waarbij alles je eigen verantwoordelijkheid is: terwijl burgers elkaar op de vingers kijken of ze wel groen genoeg zijn, komen de bedrijven en overheden die er een bende van maken, weer makkelijk weg.

Het is waar. We gaan de klimaatcrisis niet oplossen zonder dat de overheid een paar euro accijns op kerosine gooit, de subsidies voor de bio-industrie afschaft en Shell dwingt om zijn bedrijfsmodel op de schop te nemen. Om dat te bereiken is collectieve actie nodig, gericht op machthebbers die écht iets kunnen veranderen.

In de tussentijd moet je anderen vooral niet te veel lastigvallen met paternalistische praatjes over minder vliegen of vlees eten, want dat werkt alleen maar averechts, vinden Giesen en Van Iperen. Zo waarschuwt Giesen voor “een moralistisch offensief van een zelfingenomen bovenlaag die anderen schaamte aanpraat”.

Het is een verleidelijke theorie – altijd goed om de elite én het neoliberalisme overal de schuld van te geven – maar ik twijfel ook. Volgens dezelfde redenering zou je ook niemand meer mogen aanspreken op racistisch gedrag, omdat dat de overheidsaanpak van discriminatie op de woning- en arbeidsmarkt maar in de weg zou staan.

En zucht Nederland nu werkelijk onder groene moraalridders? “Ik heb de neiging om mensen de les te lezen”, vertelde presentator Mieke van der Weij maandag in Met het Oog op Morgen. Mijn indruk is dat zij daarmee een uitzondering is. Bij de meeste mensen bestaat eerder een soort schroom om anderen aan te spreken op niet-duurzaam gedrag. Van alle vegetariërs en de paar veganisten die ik ken, heeft er bijvoorbeeld nog nooit eentje met een opgeheven vingertje klaargestaan als ik vlees at. Laat staan dat je bij het reisbureau wordt opgewacht door mensen die komen vertellen dat je beter de trein kunt nemen dan het vliegtuig. Overigens is ook Van der Weij inmiddels opgehouden met haar adviezen en vermaningen. “Ik was verschrikkelijk aan het domineeën de hele tijd. Heel vervelend.”

Dat al dan niet door groene bemoeiallen uitgelokte gedragsverandering haaks staat op collectieve actie lijkt me een valse tegenstelling. Vermoedelijk gaat goed gedrag hand in hand met de bereidheid deel te nemen aan demonstraties die zijn gericht zijn op systeemverandering.

Iets zegt me althans dat de demonstranten die half december demonstreerden op Schiphol, minder vaak het vliegtuig pakken dan de gemiddelde Nederlander. En ze zagen er ook al niet uit als slippendragers van de neoliberale elite.

Dit artikel verscheen eerder op Joop. cc-foto: Erich Westendarp